In
Saar Roelofs' boek Niet storen
uit 1997
wordt aan de hand van de vakliteratuur, dossieronderzoek en
eigen observaties (als afdelingshoofd, onderzoeker & gedragstherapeut in de
ggz)
de status quo van de instellingen voor ambulante ggz uit die tijd beschreven
In
Niet storen reikt de auteur (potentiële) cliënten onder meer
middelen aan om te zien of ze bij een bepaalde hulpverlener al dan
niet in goede handen zijn. Cliënten dienen zodanig geïnformeerd te
worden dat ze in staat zijn de hulpverleningsrelatie mede vorm te
geven zodat de relatie een samenwerkingsrelatie wordt die niet
eenzijdig door de hulpverlener wordt gedefinieerd.
Wellicht
kan deze info mensen die in therapie zijn of gaan, aanmoedigen
om niet alleen te af te gaan op de visie van de hulpverlener maar ook
te vertrouwen op hun eigen inzichten in wat
nuttig en zinvol voor hen is.
Hierna
volgt de passage uit Niet
storen over de vrouwenhulpverlening die in de jaren
70 van de vorige eeuw in de Riagg's
ontstond. Deze vorm van hulpverlening botste met de traditionele
diagnostiek en hulp in de Riagg, en werd doorgaans op een zijspoor gezet.
Mijn
eigen observaties in het vrouwenteam in de Riagg Zuidoost
in de
jaren negentig van de vorige eeuw hebben geleerd dat zelfs daar de
uitgangspunten van de traditionele hulp nog sterk overheersten.
De grondslagen van de vrouwenhulpverlening vormen
echter nog
steeds een inspiratiebron voor
een meer
cliëntgerichte houding in de ggz
.
De vrouwenhulpverlening is een
internationale beweging waarvan de wortels liggen in de
antipsychiatrie. Het gaat om een hulpverlening door en voor
vrouwen.
Tussen de 25 en
40% van de volwassen vrouwelijke cliënten heeft een verleden van
cumulatieve trauma’s. Inzicht in de mogelijke reacties op
traumatische ervaringen is van essentieel belang. Vaak zijn de
cliënten verstrikt geraakt in machtsrelaties, zoals dat bij
mishandeling in het huwelijk of bij seksueel misbruik het geval is.
Mede om die reden poogt de vrouwenhulpverlener het machtsverschil
tussen haarzelf en de cliënt zo klein mogelijk te houden.
Binnen de
vrouwenhulpverlening staat de hulpvraag van de cliënt centraal. De
analyse van wat er met een cliënt aan de hand is, de diagnose,
bestaat uit een samenvatting van de klachten van de cliënt, een
hypothese over het ontstaan van die klachten, een hypothese over de
factoren die de klachten instandhouden en een vooruitblik op de
behandeling. De klachten en problemen van de cliënt worden gezien
als het resultaat van strategieën om in een bepaalde situatie te
overleven. Dissociatie (het buiten het bewustzijn brengen van angst,
woede en pijn) en zichzelf de schuld geven van een ondergane
mishandeling - zoals beschreven in het hoofdstuk
Traumabehandeling
- zijn voorbeelden van overlevingsstrategieën. Ooit waren die
klachten functioneel. In het huidige leven van de cliënt zijn die
overlevingsstrategieën vaak tot ballast geworden.
De hulpverlening
is een gezamenlijke onderneming. De diagnose en het daaruit volgende
behandelplan worden aan de cliënt ter toetsing voorgelegd.
In de
vrouwenhulpverlening wordt expliciet aandacht besteed aan de
maatschappelijke positie van vrouwen, bijvoorbeeld aan de
machtsverschillen tussen mannen en vrouwen en de waarden en normen
over hoe vrouwen zich behoren te gedragen en er uit dienen te zien.
De hulpverlener is zich van haar eigen socialisatie bewust, dat wil
zeggen, zij weet wat de gevolgen van haar opvoeding als meisje voor
haar belevingswereld en maatschappelijke positie zijn.
Wegens het
veelvuldig voorkomen van seksueel misbruik en fysiek geweld bij
vrouwen is er expliciet aandacht voor de lichaamsbeleving van de
cliënt en voor eventuele psychosomatische klachten.
De
vrouwenhulpverlener stimuleert de gezonde en sterke kant van de
cliënt en maakt de cliënt zoveel mogelijk deelgenoot van haar
kennis.
De vrouwenhulpverlening met haar wortels in de antipsychiatrie vormt
een inspiratiebron voor een meer cliëntgerichte houding in de
geestelijke gezondheidszorg in het algemeen. De belangrijkste
kenmerken van de vrouwenhulpverlening - aansluiting bij de hulpvraag
van de cliënt, een respectvolle bejegening en samenwerking tussen
hulpverlener en cliënt - lopen immers dwars door alle leeftijden,
problemen en therapievormen heen.
Meer
praktisch info over de ggz-hulp